Groetjes voor altijd

Mijnheer Cri-Cri had een molentje met postkaarten: pikante met blote boezems of gewone met ondergaande zonnen. Een garnaalvisser met twee manden op zijn paard was ook altijd goed. Enveloppen en postzegels waren verkrijgbaar aan de kassa.

Een doosje bommetjes erbij? Mijnheer Cri-Cri nam ze onderaan uit de toog, deed alles in een papieren zakje en rekende af in stilte. Plezier was niet voor hem. Plezier was voor de klanten. Zolang ze maar betaalden. Mijnheer Cri-Cri lette wel op. Want die binnenlanders! Dat komt maar naar de kust alsof het allemaal niks kost.

Mijnheer Cri-Cri was bleek en mager. Hij had geen tijd voor beach fun of wafels met suiker. Hij werkte alle dagen in Bazar Cri-Cri. Hij kiende mannetjes uit voor in de linkerhoek van de etalage. Wielrenners! Soldaatjes! Smurfen! Langs rechts duwde hij iedere ochtend een rek met Belgische spades naar buiten. Na een stuk of 40 jaar kan ik die schop nog altijd ijzig laten blikkeren over de klinkers van de dijk. Staal op steen, uit de winkel van mijnheer Cri-Cri.

Tot hij vorige zomer ineens Marcel Verstraete bleek te heten. Hij was dood. Het bericht hing aan de deur. Hij stond mooi op de foto, met een blauwe trui, een hemd en de pet. Hij poseerde naast een dozijn gestreepte windschermen. Jarenlang had hij nog op een plastic stoel gezeten, met een kussen, uit de wind. Het was alsof sommige dingen wel blijven bestaan: Bazar Cri-Cri en alle heerlijke kinderzomers sinds 1965!

Inmiddels hangt er in de etalage een gele affiche: Bouwvergunning. Bazar Cri-Cri houdt op. Er komen verdiepingen. De dochter van mijnheer Cri-Cri hield uitverkoop met hartzeer. Ik weet het, zei ze. Ik weet het. Iedereen vertelt hetzelfde: Hoe heerlijk het hier vroeger was. Maar het gaat niet meer. Het kleingeld is op. Nonkels voelen niet meer in hun broekzak of ze nog een cent hebben.

Ik wilde me de hele middag verbergen tussen de rekken, de koude, gespikkelde tegels voelen, naar het speelgoed kijken, de schelpen van op andere stranden, en niets vergeten! Niets vergeten! Alles bewaren! De duizend gaatjes in de muur, met plaats voor haakjes en zakjes vol onbetaalbare souvenirs! Of anders nog één doosje bommetjes? Hun dunne lonten teder om elkaar heen gedraaid?

Maar ik vroeg niets. Ik wachtte tot de winkel dicht was en keek door het raam naar de ballonnen links van de kassa, de duikbrillen met de snorkels. Mijnheer Cri-Cri verkocht alles wat je maar wenste, een onderwateroog en extra lucht voor ontmoetingen met reusachtige schildpadden en vissen in alle kleuren. Ook al is de Noordzee grijs en troebel. Je ziet er niks en de pekel is meedogenloos.

Alleen in Bazar Cri-Cri hoefde niemand bang te zijn. Mijnheer Cri-Cri bewaakte de verwondering met verbetenheid. Ik begrijp nu pas waarom ik hem nooit heb zien lachen. Het is ook geen lolletje, die onttovering. We hadden ons voor het paradijs geen betere conciërge kunnen bedenken. Oh comme je crie pour Bazar Cri-Cri! Door het raam zie ik zijn molentje met onverkochte zonsondergangen. Ik stuur mijnheer Cri-Cri een kaartje met Groetjes voor altijd.

An Olaerts