Ik had nog nooit van Buckminster Fuller gehoord, tot ik het brievenboek kocht van Eva Rovers. Zij zat in het museumdepot van Universiteit Groningen te zoeken en te denken.

Beste Bucky, schreef ze.

Xavier Taveirne is mijn vriend. Per ongeluk. Want ik ken Xavier Taveirne alleen van de tv. Het mag geen bodem heten. Of toch niet voor vriendschap. Ik was hem gewoon aan het beloeren. Lurken heet het.

Het gaat niet goed met u. Ja, met u. Nee, niet goed. Ik kom u namelijk soms tegen en dan kan ik het zien. Ellendig publiek zijt ge. Soms klinkt het zo: ‘Oh, An Olaerts, u lees ik nooit. Tom Heremans wel!