Hy at geerne Wittebroodt maar liever Fruyt ook Rijs ende Suycker en dronc wel ofte vier stoppen Wyns treffend op. Heel Antwerpen wist dat Emanuel een zuipschuit was. Toen hij in 1563 in de haven aankwam dronk de olifant zich bewusteloos, soo veel Wijns dat hij wel vierentwintich uren lanck voor doodt gehouden werdt. Arme Emanuel. Hij was een cadeautje.

Punkie heeft het slecht getroffen. Hij houdt van voetbal. Mij interesseert het niet. Ongeschikt mens ben ik. Je moet ons in de auto zien zitten, drie keer per week, onderweg naar de groene tapis-plain. Een knieval is het, de zoveelste vermomming van liefde. Sta ik aan dat veld, met een plaksnor van betrokkenheid. Heel soms houd ik het drie kwartier vol.

“Ik doe mijn huisarts een proces aan”, zei ze. “Wat denkt die wel! Mij een beetje belachelijk zitten te maken bij de specialist.” Oh ja, ze was kwaad, op dokter Huppeldepup. “Ik ga daar al meer dan twintig jaar. En nu dit. Hij neemt mij gewoon niet au sérieux. Zeg nu zelf. Ben ik een hypochonder?”

Gouden bladeren onder de bomen, giftige paddestoelen, het kon Geert Stadeus nooit wat schelen. Hij hield niet van de natuur, gegrild met saus en frieten, tot daar. De zogenaamde gewone gang van zaken mochten ze hem gerust besparen. Er stond een foto van zijn fiets in de krant. Alles asfalt en buiten beeld een blauwe lamp. Een reiger vliegt over. Schijtvogel.

Angst is net zoals liefde, het heeft geen uitleg nodig om te bestaan. Het ligt allemaal mee onder de dekens. Het bed heeft bulten. Punkie slaapt niet. Zijn voetjes zijn koud. “Mag ik een liedje zingen?” Ik zing wat mijn moeder zong: “Wij blijven altijd bij elkaar, ook al worden we meer dan honderd jaar.”

Weet iedereen hier wat een transitief werkwoord is? Een transitief werkwoord is een werkwoord dat een lijdend voorwerp […]

Weet je wat het is met mensen die principieel iets tegen de industrie hebben? Het massale machinale spoort niet met hun gevoel van exclusiviteit. Om zich beter te kunnen voelen dan 8 miljard beduvelde plebejers op aarde, vloeken ze op gekookte eieren uit de supermarkt. Het zal Satan leren.

Column voor Radio 1

Weet je hoe de keutels van een rat eruitzien? Ik wel. Ik heb ze gegoogeld. En ik heb ze ook gezien. Rattenkeutels zijn net olijvenpitten. Ze hebben dezelfde kleur. Ze zijn even groot. En ze hebben dezelfde puntjes, links en rechts. Het enige verschil is dat rattenkeutels blinken. Of toch als ze vers zijn. En ze waren vers!